De wet Bibob heeft een lange geschiedenis achter de rug. Al in de jaren 90 sprak de overheid de wens uit om meer mogelijkheden te krijgen vervelechting tussen onder- en bovenwereld tegen te gaan.
Een belangrijk te onderdrukken symptoom hiebij was dat de onderwereld haar tentakels leek uit te slaan naar bovenwereld en met name onroerend goed en horeca door crimineel geld te investeren in legitieme activiteiten. Tegen deze wijze van doorpakken met criminele vermogens kon een orgaan niets ondernemen omdat de herkomst van het geld of de vraag wat er gebeurt met de vergunning in veel gevallen geen rechtstreekse weigeringsgrond bood voor het weigeren of intrekken van een vergunning.
Het voorgaande gold te meer voor het intrekken van een vergunning omdat zeker daarvoor doorgaans een specifieke intrekkingsgrond moet gelden. Volila de wet BIBOB was geboren.
De wet richt zich specifiek op misbruik van vergunningen voor criminele activiteiten. De wetgever heeft hierbij het oog op twee situaties
crimineel geld wordt gestoken in een vergunningplichtige activiteit zoals een drugsdealer die zijn criminele winst steekt in een horecazaak en zo doorbreekt naar de bovenwereld.
een vergunningplichtige activiteit wordt gebruikt voor het plegen van strafbare feiten zoals de drugsdealer die een cafe aankoopt om van daaruit zijn handel te faciliteren.
De wet Bibob draagt echter het risico in zich dat niet alleen criminelen hun vergunning kwijt raken maar ook bona fide ondernemers brodeloos worden gemaakt. Dit heeft verschillende oorzaken:
De wet gebruikt als criterium het begrip ernstig gevaar. In de memorie van toelichting wordt specifiek aangegeven op welke manier en met welke feiten dit begrip moet worden ingevuld. Het probleem is dat in veel besluiten de hand wordt gelicht met dit strakke criterium en rechters dit vaak sancioneren. Gelukkig zijn rechters gevoelig voor een goed onderbouwd en gedetailleerd verweer. Spijtig genoeg wordt echter vaak gekozen voor een principiele taktiek: Er had geen onderzoek mogen worden ingesteld, inbreuk privacy of er is sprake van een criminal charge. Verwijs Uw bezwaarschrift naar de prullebak omdat deze argumenten niet werken. Voor principiele argumenten is een rechter weinig gevoelig. Het is zaak roddel en achterklap in adviezen en uit politieregisters te beantwoorden met harde feiten.
Het advies van het bureau Bibob is in veel gevallen omgeven met een waas van geheimzinnigheid zodat het lastig is zich te verweren tegen de "beschuldiging" dat er sprake is van een ernstig gevaar. Vrijwel standaard wordt de inhoud geheim verklaard. Het is de weinig rechtstatelijke praktijk dat een advocaat en aanvrager in een kamertje op het politiebureau of gemeenthuis een advies moeten inzien en daarbij op de vingers te worden gekeken omdat mogelijk het gevaar bestaat dat het advies wordt overgeschreven. Zeker bij adviezen die alleen gaan over de aanvrager zelf is hiervoor geen enkele reden omdat de geheimhouding enkel is opgenomen voor de privacy van andere betrokkenen.
Het vervolg is dat het bureau BIBOB wordt gekwalificeerd als deskundige en een advies van een deskundige zou volgens de Awb alleen maar marginaal getoetst hoeven te worden. Flinterdunne beweringen van het bureau uit schimmige registers worden klakkeloos aanvaard omdat de de beweringen afkomstig zijn van een deskundige en het niet mogelijk is die infomratie te controleren.
De volgende stap is dat een rechter vervolgens ook vaak oordeelt dat niet alleen het advies marginaal getoetst mag worden maar het bestuur ook nog een en discretionaire bevoegdheid heeft bij het gebruik van de wet BIBOB.
Onvoldoende informatie
Sluitstuk van een besluit tot intrekking is de constatering dat het formulier niet goed is ingevuld of dat er onvoldoende gegevens zouden zijn verstrekt. Deze weigeringsgrond wordt er vaak ook nog eens aan de haren bijgesleept.